De legendarische Léopoldville

LéopoldvilleIn het stripverhaal ‘Kuifje in Afrika’ is kapitein Haddock gezagvoerder van een groot passagiersschip. Voor de tekeningen stond het 150 meter lange schip ‘Léopoldville’ model. In de jaren voor de tweede wereldoorlog verzorgde dit reusachtige vaartuig een lijndienst tussen België en Congo, totdat het door de geallieerden werd gevorderd om Amerikaanse troepen te transporteren. Uiteindelijk werden hier in totaal 120.000 manschappen mee vervoerd, voornamelijk tussen Engeland en Frankrijk.

Op kerstavond 1944 ging het mis. Meer dan 6 maanden na D-Day voer de ‘Léopoldville’ van Southampton naar Cherbourg, in Normandië. Niet lang na zonsondergang, op amper 5 zeemijlen van de Normandische kust vandaan en met 2500 manschappen aan boord, opende de Duitse onderzeeër U-846 het vuur. De torpedo trof het schip dat meteen water begon te maken. Omdat de escorte niet wist dat er manschappen aan boord waren, ging deze de U-Boot achterna in plaats van hulp te verlenen. De noodsignalen die het zinkende schip uitzond werden niet op tijd opgevangen, mede doordat het kerstavond was. Er waren te weinig reddingssloepen voorhanden en een deel van de bemanning verliet het schip in plaats van aan boord te blijven en assistentie te verlenen. Bootjes vanuit de kust schoten het schip te hulp maar de zee was ruig die avond, waardoor veel soldaten tussen de vaartuigen werden geplet of in het koude water belandden zonder aan boord gehesen te kunnen worden.

Tweeëneenhalve uur na de torpedo-inslag zonk het schip. 800 mannen, voor het grootste deel tussen de 18 en 20 jaar oud, vonden de dood. De Amerikaanse autoriteiten hielden deze scheepsramp lange tijd stil om het moreel van de strijdende troepen niet aan te tasten, en meldden de slachtoffers als zijnde ‘missing in action’. Zelfs vandaag maken de grafmonumenten nog steeds geen melding van het schip ‘Léopoldville’.

70 jaar later ligt het schip schijnbaar onberoerd in het stromende en groene water. Het ligt op zijn kant, op een diepte van 58 meter. Afgezien van het gat dat door de torpedo is veroorzaakt, is het schip nog heel. Twee boordkanonnen staan nog steeds overeind, verlaten helmen liggen nog immer op het dek en binnenin het schip tref je serviesgoed en meubilair. Het is een oorlogsgraf en de Franse marine ziet erop toe dat het niet geschonden wordt. Iets mee naar boven nemen is ten strengste verboden. Duiken moeten worden aangemeld bij de marine, waarvan een patrouilleboot soms langszij komt om te controleren of er niets is gestolen uit het wrak.

Op dit wrak afdalen is een hele beleving. Het schip is ontzettend groot waardoor je, door de diepte, onmogelijk in een paar duiken alles kunt hebben gezien. Ik heb er nu zo’n 30 of 35 keer op gedoken, maar iedere keer blijft een spannende ontdekking. Omdat het op z’n kant ligt, is het soms wat verwarrend. De patrijspoorten bevinden zich hierdoor aan de bovenkant in plaats van aan de zijkant. Het zicht is vaak wat minder, mede door de diepte. Dan heb je geen besef van hoe enorm het gevaarte eigenlijk is. Indien je met perslucht duikt en niet met trimix, helpt de duikersoes je ook nog om wat gedesoriënteerd te raken. Hierbij heeft de opkomende stroming ook nog een complicerende werking in het getijdewater. Kortom: geen makkelijke duik.

Maar het is wel een prachtige duik binnenin een stuk geschiedenis van de tweede wereldoorlog. De massa is overweldigend en overal zit vis. Met lampen kun je naar het binnenste van de ‘Léopoldville’ kijken en je kunt je zelfs een klein stukje naar binnen wagen om even passagier te worden op dit reusachtige object. Wanneer de kentering voorbij is schiet je gewoonweg een boeitje naar de oppervlakte om vervolgens rustig op te stijgen teneinde je veiligheidsstops of decompressiestops te maken terwijl de stroming je van het wrak afvoert. De altijd veel te korte belevenis is dan voorbij en op dat moment denk je alweer aan de volgende keer. Want deze duik is echt verslavend.

Door Royan van Velse

Royan van Velse werkt als manager inkoop. In zijn vrije tijd schrijft hij boeken en columns. Zo is hij onder andere de auteur van NOB cursusboeken en het boek “Onderwaterleven in de Middellandse Zee“. Meer van zijn werk is te vinden via ecritures.nu. Royan heeft inmiddels zo’n 3.000 duiken gemaakt en is instructeur bij de NOB, PADI en de Franse bond FFESSM.

Reacties (2)

Reacties zijn gesloten. Je kunt geen nieuwe reactie plaatsen

  1. een echte NOB duik!! 58 mtr op lucht das not done! 58 mtr op trimix, das geen NOB opleiding. decompressie duiken is geen NOB statement. maw leuk dat het NOB een stukje plaatst waar ze eigenlijk aangeven dat hun opleiding voor hun leden niet toereikend is. dat leden bij een andere organisatie als het NOB hun opleiding moeten volgen om deze duik op een veilige en verandtwoorde manier te kunnen maken! jammer dat het NOB over zaken schrijft maar eigenlijk zijn leden en instructeurs niet op het hedendaagse niveau heeft. maar je geplaatse stukje is leuk om te lezen , ik hoop alleen dat jij hem wel op een trimix of op een rebreather hebt gemaakt al is het maar voor je eigen veiligheid en van het vergroten van je bodemtijd zodat je met je volle bewustzijn het wrak in zijn volle glorie hebt kunne bekijken

  2. Rob,
    Ik deel je mening dat je met zo’n diepte goed na moet denken over wat voor gasmengsel je gebruikt. Of het nu trimix is, of dat je de opstijging met verrijkte luchte maakt… Je moet wel beseffen dat wanneer een wrak op een bodem van 58 meter ligt, en zeker bij zo’n enorm schip als de Léopoldville, dat je bij minder dan 40 meter ook nog een leuke en interessante duik kunt maken. Niemand dwingt je om naar die bodem door te gaan.

    Wat je opmerking over de NOB betreft, sla je de plank compleet mis. Er zin binnen de duiksport verschillende bonden en organisaties met verschillende doelstellingen. Je hebt het verder ook niet zo goed begrepen. Dit stuk is niet geschreven door de NOB of namens de NOB. Deze website is ook helemaal geen NOB website. Het staat ook helemaal niet in het stuk dat de NOB er ook maar iets mee te maken heeft. Dus ik begrijp niet zo goed dat je je frustraties uit als reactie op dit artikel. Misschien zou je gewoon de NOB zelf aan moeten schrijven?

    Misschien verwijs je naar het feit dat ik NOB instructeur ben? Maar ik ben ook PADI instructeur. Daar lees ik jou niet over. Ik ben ook FFESSM instructeur. Daar roep je ook niets over. En die FFESSM duikers juist worden vanaf hun 3 ster allemaal getraind op 40 meter en dieper. Die mogen naar 60 en weten ook wat de kansen en gevaren zijn.

    Op heb je het idee dat wanneer je lid bent van en organisatie, iedere uitspraak die je doet gedaan wordt vanuit die organisatie? Dat zou wel raar zijn. Als jij een rijbewijs hebt, en lid bent van de ANWB/Wegenwacht, en je vindt een rode auto mooi, dan zou het betekenen dat ik jou aan kan vallen omdat de ANWB rode auto’s aanbeveelt?

    Mij interesseert het niet zo of jij nu tec duikt, recreatief duikt, instructeur bent of gewoon met plezier in het water ligt. Ik vind wel dat mensen volwassen moete reageren of niet moeten reageren. Dat laatste had jij beter kunnen doen. Wat heb je eraan om de NOB aan te vallen? Word jij daar beter van? Ga rechtstreeks met ze praten en laat mensen gewoon op hun eigen veilige wijze genieten van hun duiken!